Bali Geschiedenis

Bali

 

Tijdlijn-geschiedenis van Bali

Periode Gebeurtenis
1520 Balinese invloed op Lombok; verspreiding der Agama Hindu Bali op Lombok.
1550 Batu Renggong van de Gelgel-dynastie erft de titel Dewa Agung (hoogste god of koning) en luidt een politieke, militaire en culturele renaissance in, die ook wel Bali’s ‘gouden eeuw’ wordt genoemd. Deze gouden eeuw geldt natuurlijk alleen voor de hogere kasten, niet voor het gewone volk. Hij brengt alle Balinese vorstendommen onder zijn gezag en verovert Sumbawa en Lombok. Na zijn dood valt het rijk weer uiteen in de aparte vorstendommen: Klungkung, Badung, Tabanan, Bangli, Gianyar, Karangasem, Buleleng en Jembrana. Van deze acht vorstendommen blijft Klungkung echter het meest machtige en toonaangevende
1596


Cornelis de Houtman >>

De eerste Hollanders onder leiding van Cornelis de Houtman komen aan op Bantam, West-Java. Aanvankelijk kon men met de inkoop van peper beginnen en worden enige kontrakten afgesloten. Doch door het geintrigeer van de Portugezen en het weinig tactvol optreden van de Houtman, komt men in konflikt met de vorst van Bantam. Spoedig was het dan ook met de handel gedaan en de Houtman c.s. besluiten dan om verder oostwaarts naar de Molukken te zeilen. Men doet daarbij ook Jacatra (het latere Batavia) aan. Maar tijdens de reis vond men óf niet genoeg producten óf men werd, wegens het gebeurde in Bantam, overal met wantrouwen en zelfs met vijandigheid ontvangen.
Maar in elk geval had hij het 'contract van den 3en Juli 1596, het eerste tractaat door Holland met een Indisch vorst gesloten'.
1597

Eerste Nederlanders op Bali >>

Cornelis de Houtman besluit om, vanwege het geringe aantal gezonde opvarenden, naar Holland terug te keren. Vanwege het opraken van zijn bevoorrading wil hij eerst Bali aandoen. Eén van de schepen, de Amsterdam, raakt in zo’ n slechte staat dat het schip wordt verlaten en in brand gestoken. Begin februari ankeren de drie overige schepen aan de kust van het eiland (Jembrana, Kuta, Labuan Amuk). Dit is het eerste contact met Hollanders. Vier leden van de bemanning van zijn schip vinden een gastvrij onthaal aan het hof van Gelgel, dat ze het eiland de naam geven van 'Jong Holland'. Twee mannen zwichten voor de bekoring van het tropische Bali en blijven er achter tot 1601.

Op 14 augustus 1579 komen de Houtman c.s. bij Texel aan.
1598 22 schepen zetten koers naar Indië, waarna in 1602 de succesvolle Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) wordt opgericht. Daarmee begint de Gouden Eeuw.
1601 Een Hollandse handelsexpeditie onder leiding van Jacob van Heemskerck komt aan op Bali. Hij overhandigt de vorst van Bali een brief van prins Maurits, met diens verzoekt om nauwe handelsbetrekkingen met elkaar te onderhouden. De vorst van Bali stemt hiermee in, doch dit heeft geen economische of politieke gevolgen op het eiland.
1602 De Verenigde Oost-Indische Compagnie wordt opgericht met het doel schepen naar Azië te sturen om peper en specerijen te kopen..
1604 De Hollanders nemen het eiland Ambon in bezit.
1619 Batavia wordt gesticht door Gouverneur-Generaal Jan Pieterszoon Coen.
1633 Doordat de VOC haar invloed op Java begint uit te breiden, raakt zij hierdoor in conflict met Sultan Agung, de vorst van Mataram. Een poging van Gouverneur-Generaal Hendrik Brouwer om de Balinezen - die eveneens in een strijd met Mataram verwikkeld waren (over de kwestie Blambangen in de oosthoek van Java) - aan zijn zijde te krijgen mislukt echter. Tot aan de opheffing van de VOC laat men Bali verder ongemoeid, aangezien het eiland slechts rijst verbouwt, en geen kruidnagel of nootmuskaat. Dit neemt echter niet weg dat de handel in slaven met Bali welig tiert.
1639 Di Made Bekung, de laatste Dewa Agung van de ‘gouden eeuw’ van de Gelgel-dynastie, lokt een invasie op Bali uit door het Javaanse rijk Mataram. Hij verliest tevens Sumbawa en Lombok alsmede de trouw van de andere Balinese prinsen. Het hof van Gelgel verhuist naar Klungkung. De Hindoegrandeur wordt voortgezet, maar van werkelijke politieke macht is geen sprake meer.
1667 Het vorstendom Gianyar wordt geboren met de komst van de Dewa Manggis Kuning, telg van de vierde generatie van de Gelgel-dynastie. Na eerdere tegenspoed in Badung, waar hij ternauwernood ontsnapt aan gevangenneming – hij werd in een opgerolde mat op het hoofd van een oude bediende het paleis uit gesmokkeld – vestigt de gevluchte prins zich in Gianyar, waar hij een hof vormt dat zich ontwikkelt tot een machtige en welvarende staat in het zuiden van Bali.